Brazilië in Berg en Dal

Ondernemers in Geschiedenis heeft haar jubileumjaar feestelijk afgesloten met de presentatie van een e-zine. Hierin staan achttien inspirerende verhalen over betekenisvolle erfgoedplekken in Nederland geschreven door leden van de vereniging. Voor mijn bijdrage bleef ik deze keer dicht bij huis, in Berg en Dal.

‘Het gevoel van hier’ … maar dan in Brazilië

A.s. zaterdag 12 oktober is emigrant Jan van den Broek uit Berlicum de Brabantse Held. Voor deze aflevering ben ik in Museum Holambra geïnterviewd.

Klik hier voor de uitzending bij Omroep Brabant.

“Na de oorlog emigreerden veel jonge Brabantse boeren naar verre oorden, zoals Canada, Nieuw-Zeeland en Brazilië om daar zelf een boerenbedrijf op te zetten. Zo ook Jan van den Broek uit Berlicum. Hij was een van de pioniers van de landbouwcoöperatie Holambra in Brazilië. Daar kwam hij erachter dat het leven aldaar niet zo rooskleurig was als vooraf voorgesteld. Veel emigranten keerden dan ook terug naar Nederland. Maar Jan van den Broek bleef zijn geliefde Brazilië trouw tot aan zijn dood in 2010.”

Brabantse Helden is een tv-serie geproduceerd door Eendracht Films en Erfgoed Brabant voor Omroep Brabant. Bekijk hier alle Brabantse helden.

Christus de Verlosser in Rio de Janeiro

Beeld bij aankomst en vertrek

Van achter het bureau in Berg en Dal schrijf ik aan mijn proefschrift. Tussendoor lees ik in de jubileumuitgave over Holambra (Wijnen & Van der Knaap, 2012). Daarin is opgenomen een dagboekfragment uit 1950 van emigrant Ben Hulshof uit het Achterhoekse Zieuwent. Hij schrijft over de eerste kennismaking met zijn nieuwe vaderland Brazilië, hoe hij bij aankomst van de boot in spanning wacht op het wegtrekken van de wolken. Totdat opeens in volle glorie het standbeeld van Christus met uitgestrekte armen verschijnt. “Je wordt er stil van en moet het gezien hebben om dat te begrijpen. Hoog in de lucht en een lichtende wolk aan zijn voeten, alsof het beeld daarop stond. Op dat ogenblik besefte ik misschien voor het eerst, wat een mens toch een nietig wezen is. En ik heb stil mijn morgengebed gedaan en een gebed uit dankbaarheid voor allen aan wie ik dat verschuldigd ben en ook voor het goede verdere verloop.”

Het 38 meter hoge standbeeld van Christus de Verlosser op de berg Corcovado in Rio de Janeiro dateert van 1931 en is wereldwijd het bekendste monument van Brazilië. Het behoort tot de zeven nieuwe wereldwonderen.

Een week geleden, op woensdag 18 september, miste ik in Rio het vliegtuig naar Amsterdam. In afwachting van de volgende vlucht maakte ik een wandeling door de buurt en tuurde ik vanaf het dak van het hotel naar hét monument. Het Christusbeeld dat ik met de camera vastlegde, werd een zoekplaatje. Maar het onverwachte uitzicht op dit ‘hoogtepunt’ in de Braziliaanse herinneringscultuur maakte me dolgelukkig. Ik voelde me dankbaar voor vier prachtige weken in Brazilië. Een mooier afscheid had het niet kunnen worden.

Zicht vanaf het dak van het hotel aan de Avenida Presidente Vargas.

Einde Braziliaanse winter (2019)

De Braziliaanse winter loopt ten einde en daarmee ook een maand veldwerk. Koud was het deze keer niet. Integendeel. De temperatuur kwam deze dagen zelfs boven de dertig graden. Maar het is ook wel eens anders geweest. In juli 1965 werden de bewoners van de kolonie Não-Me-Toque overvallen door een dik pak sneeuw. Theresia Stapelbroek haalde voor mij deze foto tevoorschijn.

Theresia is geboren in Diessen (NB) en was zeven toen ze in 1949 met haar ouders en tien oudere broers en zussen naar Brasil emigreerde. In het appartement van dochter Regina hangt een souvenir uit Diessen en eronder een klompje uit het Brabantse Moergestel.

Herinneringen aan het land van herkomst vind je overal. Soms op plaatsen waar je het niet meteen verwacht. Ik bracht een paar ansichtkaarten naar het postkantoor. De medewerker vroeg me waar ik vandaan kwam. En toen vertelde hij over zijn achternaam en dat hij deels afstamt van Nederlandse immigranten “van lang lang geleden”. Gilberto Dattein liet me vervolgens een document zien dat hij op zijn mobiel bewaart: van zijn […]grootvader die in de negentiende eeuw vanuit de provincie Zeeland naar Brasil was gekomen.

Het meest recente aandenken dat ik tegenkwam was een kindertekening van Otavio (5) in het appartement van Teodora Souilljee Lütkemeyer, voorzitter van de plaatselijke Hollandse Vereniging. Otavio behoort tot de vijfde generatie ‘descendentes holandeses’ in Não-Me-Toque. Hij weet hoe de Braziliaanse vlag eruitziet, maar voor zijn oma kleurt hij evengoed de Nederlandse vlag in.

De liefde voor de eigen cultuur is grensoverschrijdend. Dat blijkt onder meer uit de betrokkenheid van ‘os holandeses’ bij het lokale Centro de Tradições Gaúchas. Doel is het levend houden van de tradities van de Gaúchos, de inwoners van de Braziliaanse deelstaat Rio Grande do Sul. Zo waren twee broers Van Riel en Willy van Lieshout medeoprichters en schilderde Doortje Souilljee Assinck onderstaand tafereel voor het verenigingsgebouw in Não-Me-Toque.

Obrigada a todos e até …

Lugares de memória: os Países Baixos no Brasil

Plaatsen van herinnering: Nederland in Brazilië (2019)

Het huis van Elisabeth Sanders em Não-Me-Toque (RS)

Binnenshuis bij Elisabeth Sanders in Não-Me-Toque (RS)

Hobbyclub II thuis bij Mari van Schaik in Não-Me-Toque (RS). Sinds 2017 komen (klein)dochters van de Nederlandse immigranten eens in de zes weken bij elkaar voor chimarrão én koffie met zelfgebakken vlaai. De voertaal is Portugees. Een enkeling praat een beetje Nederlands. De echtgenotes van Nederlandse (klein)zonen – veelal nakomelingen van Duitse immigranten – zijn eveneens van de partij.

Op bezoek bij economisch historicus José Lannes de Melo (rechts) aan de Universidade Federal do Paraná in Curitiba. José verricht onderzoek naar het bedrijf STARA, opgericht door twee Nederlandse immigrantenfamilies in Não-Me-Toque (RS).

Plakkaat bij ‘Het Geheugenhuis’ in Parque Histórico de Carambeí (PR). “Opdat het doorzettingsvermogen en het geloof van de pioniers worden voortgezet en behouden door de nieuwe generaties.”

V.l.n.r. Lucas Henrique Los, directeur Dick de Geus en Felipe André Pedroso de Oliveira van Parque Histórico de Carambeí (PR)

In de keuken van Museu Holambra (SP)

Aan het werk bij João & João in Museu Holambra (SP)

Sinterklaas (met bijbel) en zwarte pieten op de Expoflora in Holambra (SP)

Lugares de memória: os Países Baixos em Ijuí (RS)

Plaatsen van herinnering: Nederland in Ijuí (Rio Grande do Sul)

Buiten, voor de ingang van de ‘Feestzaal’ worden we verwelkomd door haar zoon, twee kleindochters, een achterkleindochter en enkele bestuursleden van de Sociedade Cultural Holandesa. Binnen, op een bankje zit op ons te wachten Teodora Commandeur (89) uit Ijuí.

Ze vertelt me in het Portugees over haar ouders en grootouders uit Amsterdam en Den Haag. In 1908 kwamen ze aan in Brasil. Als kind sprak Teodora thuis altijd Nederlands met “vader en moeder”. Pas later, buitenshuis leerde ze Portugees. Op mijn vraag wat ze zich nog herinnert uit haar kindertijd, noemt ze “a festa de Sinterklaas”.

Kleindochter Daiana geeft me een boekje mee uit de reeks As Etnisas em Ijuí – Os Holandeses. Daarin vind ik de familienamen Commandeur, Van der Sand, Blöm, Owergoor en Van der Ham.

Teodora Comandeur woont samen met haar familie – vier generaties descendentes holandeses – op een boerderij met “Nederlandse koeien”, vertelt haar zoon. Bij het afscheid fluistert zijn moeder me nog twee Nederlandse woorden in het oor: “Alles goed.” Tudo bem.

(Met dank aan Teodora Souilljee Lütkemeyer, voorzitter van de Associação Holandesa de Não-Me-Toque, RS)

Migração & Memória

Bom dia senhores e senhoras,

Me sinto muito feliz estar aqui com todos vocês. Fazendo parte desse evento promovido pela Associação Holandesa de Não-Me-Toque. Com muito honra e gratidão a Associação, em especial a sua presidente Teodora Souilljee Lütkemeyer, dirijo a palavra a todos e todas nesta comemoração dos setenta anos de imigração holandesa em Não-Me-Toque. Especialmente porque a minha pesquisa chamada Migração & Memória quero refletir sobre momentos como este; descendentes holandeses, migrantes entre dois mundos, celebram fatos de setenta anos de história, pessoal e collectivamente.

As perguntas que tento responder são: o que e lembrado e como e lembrado? E principalmente qual o significado desta memória? O que vocês migrantes holandeses lembram, o que migrantes holandeses que retornam a Holanda contam, e de que forma estas memórias são cultivadas, que cerimônias e rituais são celebrados, que monumentos sao erigidos, o que vai para os museus? De que forma cada um e o collectivo dão significado, pois cada um deve conviver com as propias memórias.

Bem! Não vou me alongar. Vou contar uma pequena estória. Jan van Houts, um holandes que viveu no Brasil e retornou a Holanda, foi entrevistado por mim em 2010 na casa dele em Deurne, Holanda. Quando visitei a esposa dele Miet van Houts-van Riel em 2012, um mês após a morte do marido, ela me deu um santinho, como lembrança dele. Ela falou: “Dat blijft trekken uit Brasil, hè. We zijn net een familie en bij begrafenissen zien we elkaar altijd weer terug.” Traduzindo: “Isto do Brasil isto nos atrai. Nos somos como uma familia e em velorios nos nos vemos sempre de novo.“

E naquele santinho e na frase que ela me disse descortinou-se para mim a forma como um migrante era lembrado e em que comunidade era lembrado. Desde então tenho já quase duzentos migrantes entre Brasil e Holanda registrados desde 1948 – fundação de Holambra – cada um com um santinho. Todos estes santinhos formam, junto, um livro vivo da vida já passada, constituindo uma memória viva para individuos e a comunidade presente, minha esperança, para a comunidade do futuro, herdeira das memórias que queremos passar.

(Toespraak bij het jubileumfeest 70 jaar Nederlandse immigratie in Não-Me-Toque op zondag 25 augustus 2019, met dank aan mijn achternicht Maria Elisabete Haase-Möllmann voor haar hulp bij de vertaling naar het Portugees:-)

De ichtus, de zaaier en twee bomen

Drie metalen objecten staan er in de voortuin van de Associação Parque Histórico de Carambeí: de ichtus (vis), de zaaier en twee bomen. Ze symboliseren de kernwaarden waarop de agrarische, Nederlandse gemeenschappen in Paraná steunen: het christelijk geloof, onderwijs en coöperativisme. “Bid en werk, zaai voedsel en kennis, en werk samen, want niemand is beter dan allemaal samen.”


(Foto’s: Renate Stapelbroek, 22 augustus 2019)

Braziliaanse winter (2019)

Een uitnodiging voor het jubileumfeest in Não-Me-Toque, ter gelegenheid van 70 jaar Nederlandse immigratie, sla ik natuurlijk niet af. Daarvoor ruil ik de laatste zomermaand in Nederland graag in voor vier weken Zuid-Braziliaanse kou. Een maand waarin ik de kans grijp om tussentijdse onderzoeksresultaten te presenteren en mijn ogen opnieuw de kost te geven. Behalve de kolonie Não-Me-Toque zal ik ook andere plaatsen bezoeken, om te beginnen het historisch museumpark in Carambeí. Verder wil ik gaan kijken bij de restanten van de Escola São Paulo in de kolonie Holambra. Het voormalige schoolgebouw van de Nederlandse migrantengemeenschap werd onlangs gesloopt.

(Video: via João Luiz van Ham Mello)

Kijken en luisteren

De Braziliaanse winter is voorbij en daarmee ook het veldwerk dat ik gedurende drie maanden in Brazilië deed. De afgelopen vier weken bracht ik door in de Nederlandse kolonie Holambra, gelegen in de deelstaat São Paulo. Ook hier bestonden de werkzaamheden uit interviewen, lezingen geven, archiefonderzoek en het inventariseren van museumobjecten. Maar wat ik vooral heb gedaan is kijken en luisteren naar mensen. Aan verhalen over vroeger geen gebrek. Ik hoefde de deur van mijn appartement op het Centro Social Holandês maar open te zetten of aan te schuiven in het museumcafé om te horen hoe herinneringen aan de immigratie een rol spelen.

Ontmoetingen op straat, in de supermarkt, het tuincentrum, de bibliotheek, bij mensen thuis en een groepsbezoek aan het Museu da Imigração in São Paulo leverden ook waardevolle data op.
En toen waren er ineens twee sterfgevallen binnen drie dagen. De eerste begrafenis, van pionier Herman Kievitsbosch vorige week maandag, heb ik niet bijgewoond, want ik wilde geen antropologische pottenkijker zijn. Dat gevoel bleek achteraf onterecht. Daarom maakte ik twee dagen erna wel deel uit van de stoet naar het graf van Henk Reijers. Uit eerbetoon aan de pionier klonk daar het Emigrantenlied. Dit lied hoorde ik eerder tijdens de viering van het 70-jarig jubileum van Holambra, in juli van dit jaar. (Beluister het fragment hieronder.) Het hoogtepunt van elke viering, aldus sommige ouderen.

Muito obrigada a todos em Holambra / no Brasil que me ajudaram durante minha pesquisa. “Até logo.”